Posts tonen met het label kuifeend. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kuifeend. Alle posts tonen

vrijdag 10 december 2021

Nederlandsche Vogelen

Sinterklaas bracht mij een boekwerk van ruim 5 kilogram. Het betrof de (verkleinde!) hernieuwde uitgave van 'Nederlandsche Vogelen', het allereerste oorspronkelijk Nederlandse boek dat helemaal over vogels gaat. Het boek werd vanaf 1770 gemaakt door uitgever-graveur Sepp en bioloog (en tevens predikant) Nozeman. 

Nederlandsche Vogelen: een kloek vogelboek
(een 'normale' paperback erbij ter vergelijking)

Tot 1829 werden er in totaal 200 vogelsoorten beschreven, voorzien van meer dan 250 handgekleurde kopergravures. Een en ander verscheen in losse onderdelen, die later in vijf delen werden samengebonden. Het was het duurste boek van die tijd: twee generaties uitgevers, vijf auteurs en een flink aantal tekenaars, graveurs en inkleurders werkten er aan mee. Onze Koninklijke Bibliotheek heeft zo'n oorspronkelijke vijfband in haar archief. In 2014 is er een heruitgave gekomen van dat werk in één boek. Als liefhebber van vogels, boeken en geschiedenis overwoog ik destijds dat boek aan te schaffen, maar het formaat en gewicht van die uitgave hielden me toch tegen: ruim 11 kilo en een kleine 50x70 cm maakt het niet tot een boek dat je er even makkelijk bij pakt. Dat er ergens in de afgelopen jaren een 'iets' handzamere versie was verschenen (70% van het oorspronkelijke formaat en iets minder dan de helft van het gewicht) was aan mij voorbij gegaan. Inmiddels was die uitgave uitverkocht, maar tweedehands heeft de Sint er nog een gevonden :). Voor mij ligt dus meer dan 825 pagina's bladerplezier. Ik ben vooral benieuwd welke vogels er destijds in Nederland voorkwamen en wat er al over bekend was. 
Ik besloot eens op te zoeken hoe het zat met twee eendjes die ik die middag tegen was gekomen bij de laatste herfstwandeling van dit jaar. Terwijl de populieren en wilgen hun gouden kleuren tentoonspreidden, dobberden kuifeenden in de Kromme Aar. Krakeendjes zaten er te soezen. Twee soorten waarvan ik de laatste 20 jaar meer en meer individuen zag maar die begin van deze eeuw nog zeldzaam waren. Ik vroeg me af, of deze eendjes al in de 18e eeuw beschreven zijn. Wat me als eerste opviel is dat de vogels toen niet altijd de huidige namen hadden. Gelukkig zit er een index in het boek waarbij je via de nu bekende naam kunt zoeken. 

Kuifeend uit het boek Nederlandsche Vogelen

Wat de kuifeend betreft kwam ik uit bij het toppertje, ook wel kamduiker of rouwbandje genoemd. Ook nu kennen we nog toppereenden, maar die zien er anders uit dan kuifeenden, hoewel ze er veel op lijken. Kuifeendmannetjes zijn geheel zwart met wit, toppers hebben een grijze rug en een groene glans op de kop. Lekker verwarrend dus. Bij elke vogel staat een uitgebreide beschrijving, maar leuker nog zijn de 'aantekeningen', want die zeggen iets over de vogelkennis op dat moment. Bij de kuifeend wordt Linnaeus aangehaald die heeft genoteerd: '' het mannetje verlaat ons, wanneer het wijfje zit te broeden'. De auteurs van het boek voegen hier aan toe: 'Hier uit zou men misschien besluiten mogen, dat er, tegen den aart der eenden, eene éénwijvigheid plaats had in dit ras. Maar, is het niet waarschijnlijker, dat het mannetje, als het wijfje te broeden zit, hetzelve verlaat, om een ander op te zoeken?' 

Prent van een krakeend (man), in de 18e eeuw werden ze anders genoemd

Ook de krakeendjes hadden vroeger een andere naam: ze werden kreest (van: krijsen), roepereend of soms ook gewoon 'krak' genoemd. De roep van deze beestjes is wat schor en krakend, vandaar die laatste naam. Wat ik niet wist, is dat de krakeend vroeger werd gebruikt als lokvogel in de eendenkooi om de wilde eenden in het net te krijgen. Daar dankt hij de naam roepereend aan, en werd om diezelfde reden ook wel baanroeper genoemd. 

Bekijk de beide soorten in het filmpje van deze week, met zoals gezegd, de laatste herfstkleuren tijdens een middag met een sprankje zon. De donkere winter is inmiddels begonnen. Klik hier om het filmpje te bekijken.





zaterdag 9 januari 2021

Kuifeenden laten zich de kaas van het brood eten

Kuifeenden kunnen overdag soezen omdat ze noodgedwongen 's nachts eten

De titel van deze blog moet natuurlijk niet te letterlijk worden genomen, maar feit is dat kuifeenden 's nachts zijn gaan eten omdat andere vogels hun voedsel stelen. Dat wordt kleptoparasitisme genoemd. De markante zwart/witte mannetjes en de mokkabruin/zwarte vrouwtjes van de kuifeenden zien we vooral in de winter. Dan verblijven er meer dan 200.000 kuifeenden in ons land. Ongeveer 10% hiervan broedt hier, vooral in het westen en noorden van Nederland. Op welke momenten vogels foerageren (eten zoeken) is vaak afhankelijk van de omstandigheden, bijvoorbeeld op welke tijdstippen zich prooien aandienen of de getijden. Kuifeenden eten voornamelijk driehoeksmosseltjes (zoetwaterschelpen); eten dat dag en nacht beschikbaar is. Toch viel het onderzoekers op dat kuifeenden vooral 's nachts eten, terwijl ze niet echt goed 'nachtzicht' hebben. 


Driehoeksmossel
Bron: wikimedia

Met behulp van radarwaarneming zagen ze dat de eendjes een half uur na zonsondergang de rustgebieden verlieten om ver uit de kust te gaan foerageren en pas tegen zonsopkomst weer terugkwamen op hun stek. Ook de toppereend en de tafeleend eten voornamelijk 's nachts, terwijl een andere duikeend, de brilduiker, juist weer overdag zijn kostje bij elkaar scharrelt. De onderzoekers besloten eens in deze kwestie 'te duiken' en ze sloegen aan het observeren en tellen. Driehoeksmossels worden aan de bodem opgedoken maar pas doorgeslikt als het eendje weer op het water dobbert. Dat is het moment dat de dieven toeslaan. Maar eerst kijken we eens hoe vaak de duikeenden en meerkoeten succesvol zijn bij het opdiepen van voedsel. De overdag foeragerende brilduikers kwamen het vaakst van de drie onderzochte soorten boven water zonder prooi: bij 95% van de pogingen hadden ze geen eten in hun snavel. 189 keer hadden ze een prooi, maar die werd in ruim 60% van de gevallen (118 keer) afgepakt door kokmeeuwen, stormmeeuwen en meerkoeten. De 's nachts foeragerende kuifeenden brachten in 54% van hun duiken mossels mee naar boven. Hiervan werd één derde gestolen, vooral door meerkoeten. Daarnaast lieten de eenden in ongeveer 7% van de situaties hun prooien vallen als ze achterna gezeten werden door meerkoeten. Meerkoeten waren vrij succesvol en brachten in 86% van de gevallen eten mee naar boven. 11% van de door de meerkoeten opgedoken mossels werd gestolen, meestal door meeuwen maar ook door collega-meerkoeten. Eén keer pikte een kuifeend de mosseltjes af van de koet. Maar per saldo was het dus andersom. Uit het onderzoek bleek dat maar liefst 30% van alle meerkoetenvoedsel was gestolen! 

In het filmpje van deze week zie je de kuifeenden rustig dobberen, ik weet nu hoe het komt dat ik ze nooit duikend in beeld krijg. En die door het beeld zwemmende meerkoet bekijk ik nu ook met andere ogen :). Klik hier om het filmpje te bekijken.