Posts tonen met het label boomkruiper. Alle posts tonen
Posts tonen met het label boomkruiper. Alle posts tonen

woensdag 17 februari 2021

Boomkruipers, spechten en mensen onderzoeken hout

Het weer is de laatste weken grillig. Toen ik - begin februari - voor deze blog het park in liep, leek het of de lente zowat ging beginnen. Er was weliswaar nachtvorst geweest, maar de vogels hadden duidelijk het voorjaar in hun bol. Toen had ik nog geen een idee dat er een winterweek met strenge vorst ging komen. Ondanks de hinder in het verkeer hebben we daar ook veel lol aan beleefd en heb ik flink wat sneeuwfilmpjes gemaakt. Daarom deze extra editie over begin februari, zodat je zaterdag het eerste sneeuwfilmpje kunt zien. Dat wordt ook raar, want uitgerekend in het weekend wordt het erg warm voor de tijd van het jaar. 

Grote bonte spechten roffelen al vanaf februari

Die dag begin februari zaten grote bonte spechten elkaar achterna in de populieren, een stuk of vijf spechten vlogen van boom naar boom en voor het eerst in dit seizoen klonken om mij heen spechtenroffels. In de hoge bomen was het nog knap lastig om de beestjes in beeld te krijgen; je hoort de roffels wel op een bepaalde plek maar dan zijn de grote bonte spechten toch minder groot dan je zou hopen :). Op een gegeven moment kreeg ik er een in het vizier. Een vrouwtje (zonder rode kopvlek zoals de mannetjes) had een dode tak ontdekt en roffelde er op los. Tussendoor peuterde ze een lekker hapje uit een spleet. Niet alleen de spechten waren druk met het onderzoeken van hout op voedsel en geschikte roffeltakken. Ook boomkruipers waren heel actief en flirterig. Eentje ging vlak voor me op een stam zitten en onderzocht de bemoste plekjes op verscholen insectjes; het roze tongetje flitste snel uit en in de snavel. 

Ook mensen onderzoeken hout; om te kijken of een boom niet ziek is en nog stevig staat of om te beoordelen of een boom al kaprijp is en goede planken zal opleveren. Onlangs las ik over een heel bijzonder onderzoek: aan de hand van DNA kan onderzocht worden waar antieke planken vandaan komen, bijvoorbeeld uit oude gebouwen of scheepswrakken. De regio waar hout van zulke monumenten vandaan komt wordt vanouds in kaart gebracht aan de hand van jaarringonderzoek. Er is een soort database van de ontwikkeling van jaarringen in bomen in bepaalde landen op de verschillende continenten. Voor kleine stukjes hout, bijvoorbeeld in gebruiksvoorwerpen, is die methode minder geschikt omdat de jaarringen daarin moeilijk te onderscheiden zijn. Nu is daar (a)DNA onderzoek bij gekomen (de (a) staat voor ancient = oud). Hierbij wordt gekeken naar de genetische ouders van de bomen.

Sinds de middeleeuwen is hout een belangrijk bouwmateriaal voor de alsmaar groeiende bevolking in Europa. Aanvankelijk bouwde men met hout uit de omgeving, maar als dat op raakte haalde men dat hout uit andere streken. Drijvend in rivieren of per boot werden de stammen aangevoerd, zelfs van andere continenten. Eikenhout was daarbij het meest populair. Onderzoekers hebben met de (a)DNA-methode eens uitgezocht waar hout voor bepaalde oude gebouwen vandaan kwamen: een 17e eeuws houten huis in Denemarken (plaatjes A en B in onderstaand figuur), een 650 jaar oude kerkdeur uit Riga (Letland) (plaatje C) en een 700 jaar oud scheepswrak dat in de Oostzee voor de kust van Noord-Duitsland is gevonden (plaatje D). Op onderstaand plaatje kun je zien waar het hout vermoedelijk vandaan kwam. Het gele blokje is de plek van het houten monument, de groene cirkels geven aan waar het hout vandaan komt en de driehoekjes zijn de genetische voorouders. 

Zo zijn we weer een stapje verder in het ontrafelen van raadsels. Binnenkort gaan de spechten weer op onderzoek uit: nu om een geschikte boom te vinden voor het uithakken van een nest. Dat doen ze ieder jaar opnieuw. Meneer specht hakt het uit en daar heeft-ie drie weken voor nodig. Spechten hebben overigens ook een slaaphol. Wie denkt dat de vogels daar lekker knus op een hoopje gaan liggen heeft het mis: de specht slaapt hangend aan de wand onder het vlieggat. In de winter slaapt de specht meer dan in de zomer, want hij gaat op een vaste tijd voor zonsondergang naar 'bed'. 
Bekijk de lentebodes in de film door hier te klikken




zaterdag 16 januari 2021

Knusse staartmeesjes

Staartmees
Tekening: Jos Zwarts, wikimedia
Op een zonnig moment tussen de eindeloze regenbuien door waren er allerlei kleine vogels in het stadsparkje te ontdekken. De kale bomen staken af tegen een dreigende lucht en al snel hoorde ik het levendige gepiep van een kluitje staartmezen. Deze pluizige bolletjes in de kleuren zwart, wit en roze, met een kenmerkende lange staart, zitten zelden lang op één plek. Toch lukte het om er eentje op de film te krijgen. Staartmeesjes leven van insectjes die ze verzamelen op bomen, ze halen daarbij acrobatische toeren uit en balanceren aan de smalste twijgjes. In deze tijd van het jaar, als er weinig insectenvoedsel is, kun je ze ook in je tuin zien, want ze lusten dan graag zaden van de voederplank of vetbollen. Ze zoeken hun eten in familiegroepjes en met hun hoge piepjes houden ze contact met elkaar. Als er eentje naar een volgende boom vertrekt dan weet je dat de andere meesjes één voor één zullen volgen. En als een broer of zus nog niet uitgegeten is, wachten ze allemaal op de achterblijver. Vogelringers merkten op dat als ze één staartmees van de familie vingen om te ringen, dat de anderen in de buurt bleven om op de geringde vogel te wachten. Staartmezen zijn trouwens geen familie van de koolmees en pimpelmees maar vormen een aparte vogelfamilie. Verderop in het park hoorde ik nog hoger gepiep en daar was een groepje goudhaantjes voedsel aan het zoeken. Deze vogeltjes zijn nog kleiner en nog beweeglijker dan de staartmezen. Een half uur filmen leverde een paar bruikbare shotjes op. Waar staartmezen iets meer dan 8 gram wegen, tonen de goudhaantjes niet meer dan 4 tot 7 gram op de weegschaal. 


Goudhaantje
Tekening: Jos Zwarts, wikimedia

In de winter hebben alle vogels moeite om hun lichaamstemperatuur op 41 graden te houden, en dat geldt eens te meer voor kleine vogels. Om dan te overleven moeten ze de hele dag eten. De goudhaan moet per dag 2-4 gram eten, ongeveer de helft van het lichaamsgewicht, de staartmezen peuzelen één derde van hun lichaamsgewicht bij elkaar. 's Nachts gaan de staartmezen en goudhaantjes in de spaarstand: ze laten hun lichaamstemperatuur 5 graden zakken, zetten hun veren bol en slapen knus bij elkaar op een beschutte plek. Soms zoeken de twee vogelsoorten daarbij elkaars gezelschap op. Samen sterk denken deze lichtgewichten blijkbaar. Daarbij worden ze soms vergezeld door nog meer klein grut: boomkruipers (die ik ook in beeld kreeg bij het filmen), boomklevers en winterkoningen. De staartmezen zitten vaak zo dicht bij elkaar dat het één grote bol lijkt, waaruit alleen de staarten steken. Niet alleen overleven in de kou vergt veel energie. Straks, als de lente weer aanbreekt, verliest een winterkoning met de hele dag zingen een kwart van zijn gewicht. Maar voorlopig moeten ze nog even de winter doorkomen.....

Klik hier om het filmpje te bekijken. 



vrijdag 30 maart 2018

Boomkruiper tussen het eerste lentegroen

Ondanks de grillige weersomstandigheden van de afgelopen tijd, zijn er toch al wat sprietjes groen te zien. De meidoorn is een van de eerste struiken die uitloopt en tussen de stekelige takken verschijnen de frisgroene blaadjes. Dicht bij de grond bloeien de eerste bloemen, zoals de gele sterretjes van het speenkruid en stinzenplanten zoals sneeuwklokjes en sterhyacintjes. Een troep koperwieken zat zachtjes te 'babbelen' in de bomen en een specht was driftig op zoek naar iets eetbaars in de schors van een boom. Een gaai had nog een eikel opgediept en liet hem zich goed smaken. Tussen dat alles was een onopvallend vogeltje ook bezig een maaltje te zoeken: een boomkruiper baande zich een weg omhoog langs de stam van een boom. Het beestje heeft een helderwit buikje maar is van boven goed gecamoufleerd met een bruin gemêleerd verenkleed, zodat zijn verschijning wegvalt tegen de schors van de boom. In deze tijd van het jaar verraadt hij zich door zijn roep die omschreven wordt als ’tie tru-ie trie trie’, ik denk dat hij zingt 'dit-is-mijn-boom', waarbij boom er tamelijk hoog uitkomt. Beluister de zang zelf via deze link en bedenk dan je eigen ezelsbruggetje (op de achtergrond van die opname hoor je overigens een vink). Al kruipend zoekt de vogel insectjes in de boomschors. Hiervoor heeft hij korte pootjes en lange nagels voor een goede grip. Hij heeft maar liefst 12 stijve staartveren als hulp bij het klimmen. Vaak zijn de punten wat gerafeld omdat ze slijten op de onregelmatige boomschors. Ook de boomklever loopt over de stam, maar die kan ook naar beneden lopen.
Foto: Andreas Eichler, CC BY-SA 4.0, Wikimedia
Dat lukt de boomkruiper niet, als hij boven is vliegt hij naar beneden, vaak naar een andere boom. Het vogeltje heeft het formaat van een winterkoninkje maar door zijn langgerekte staart en snavel lijkt hij groter. Toch kan hij zich in kleine gaatjes manoeuvreren. In de winter overnacht hij in schorsgaten waarbij hij zich letterlijk in de spleet perst zodat zo min mogelijk warmte verloren gaat. De nestkastjes voor boomkruipers hebben geen rond gat aan de voorzijde maar een spleet aan de zijkant. Een paar jaar geleden hadden boomkruipers een nestje gemaakt onder de houten rand van het dak aan de zijkant van het huis. We zagen ze over de bakstenen kruipen en in de smalle ruimte verdwijnen tussen het hout en de muur. Na een week of drie broeden kwamen de jonkies uit het ei. Ook zij kropen over de muur, waar ze nog een paar weken werden gevoerd door de ouders. Helaas had ik toen nog onvoldoende zoom op mijn camera om dit vast te kunnen leggen. Je kunt boomkruipers overal tegenkomen waar bomen staan, zelfs langs de Amsterdamse grachten. Deze standvogels zijn het hele jaar te zien. Het is wel een kwestie van goed opletten. Je ziet de boomkruiper in mijn filmpje vanaf 1 minuut 59.


E-mailabonnees kunnen hier klikken om het filmpje te zien.


zaterdag 27 februari 2016

Lentesignalen

Afgelopen week lekker gestruind door de Veluwse bossen, de Veluwezoom en het rivierengebied.
De eerste lentesignalen zijn niet te missen. We hoorden veel vogelgeluiden zoals een lachende zwarte specht, de eerste vinkenslag en het grappige geluid van de boomkruiper dat je op de video hoort.