| Schelpenverzamelzakje |
Van stof dat bedrukt was met afbeeldingen van schelpen had iemand (met plastic gevoerde) zakjes gemaakt. Superhandig, want hoe vaak heb ik natte en zanderige jaszakken gehad als ik schelpen langs de vloedlijn verzamelde. Nog leuker was dat in elk zakje enkele schelpjes zaten die overeenkwamen met de bedrukking op de voorzijde, die per exemplaar verschilde. In mijn zakje vond ik fuikhorens, de schelpen van een zeeslak die ik eigenlijk nooit tegenkwam toen ik als kind aanspoelsels zocht tijdens vakanties in Zeeland.
![]() |
| Nog even schelpen zoeken voor de volgende bui valt |
Het was onze laatste dag en na de lunch liepen we bij Paal 9 nog even langs het strand om het zakje verder te vullen. Ik zocht in het droge zand vlak bij de strandhuisjes en ontwaarde zowaar een gave gevlochten fuikhoren, tussen de andere aangespoelde schelpen. Dat vond ik best bijzonder omdat dit de eerste was die ik ooit vond. Feitelijk had ik er die ochtend pas kennis mee gemaakt :).
![]() |
| Met een goed gevuld schelpenzakje stapte ik op de boot naar huis |
Toen ik wat informatie opzocht over de fuikhorens op de site van Nature Today werd me duidelijk hoe het kwam dat ik ze vroeger niet zag en nu ineens wel. De fuikhorens zijn terug van weggeweest! En dat moeten we op een enorme tijdschaal bekijken. De fuikhorens waren rijkelijk te vinden op de plek van de Noordzee in het Eemien, een geologisch tijdperk dat duurde van 128.000 tot 116.000 jaar geleden. Het Eemien is een warmere periode tussen de twee laatste ijstijden (het Saalien en het Weichselien). De zeespiegel was toen een stuk hoger dan nu en in juli was de gemiddelde zeewatertemperatuur rond de 18,5 °C. In dat relatief warme water leefden twee fuikhorens, de gevlochten en de grofgeribde fuikhoren in grote aantallen. In de warme zee vormden de slakken een opruimploeg die in het water van de kuststrook efficiënt viskadavers en ander afval opruimde. Zulke hulptroepen waren zeer welkom, want in warmere klimaten gaat afval snel rotten met alle stankoverlast van dien. De slakken hebben een goed 'reukvermogen' en kunnen hun prooi op zowat dertig meter afstand waarnemen. Eenmaal ontdekt, duiken de slakken in groepen op het aas en scheuren ze met hun rasptong (radula) stukjes prooi af en ruimen zo de zeebodem op.
![]() |
| (Sub)fossiele schelp van de grofgeribde fuikhoren |
Tijdens het Weichselien veranderde de situatie drastisch. Tijdens die allerlaatste ijstijd was veel oceaanwater bevroren in de poolkappen en stond de zeespiegel wereldwijd tot zo’n 130 meter lager: de Noordzee stond grotendeels droog. De slakken gingen dood en de schelpen van de fuikhorens verdwenen onder het zand. Omdat ze niet erg diep lagen spoelen ze, nu er weer water in de Noordzee zit, regelmatig aan. Die (sub)fossiele schelpen herken je aan de donkere kleur, zoals op de foto hierboven.
Maar dat is nog niet het hele verhaal.
![]() |
| Recente schelp van de gevlochten fuikhoren, gevonden in mei 2026 |
In het begin van de vorige eeuw werden de grofgeribde fuikhorens weer waargenomen in ons land, maar de gevlochten fuikhorens lieten zich nog niet zien. Daar kwam pas eind jaren tachtig verandering in. Toen trokken de gevlochten fuikhorens opeens massaal vanuit Normandië en Bretagne onze kant op en werden ze binnen een paar jaar algemeen. Dat verklaart dus waarom ik die schelpjes in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw niet meer vond en nu weer wel.
De gevlochten fuikhoren houdt van zout water, dus alleen van deze soort kun je 'verse' schelpen aantreffen op het strand. De grofgeribde fuikhoren leeft in Zeeland in de wat minder zoute binnenwateren. Schelpen van deze slak die je op het strand vindt zijn de fossielen uit het Eemien.
Hun naam ontlenen de beestjes aan hun huisjes, die lijken op van wilgentenen gevlochten visfuiken. Maar dan mini natuurlijk :).
Gelukkig dat deze vuilnismannetjes van de zee, zoals ze ook wel genoemd worden, onze wateren weer hebben gevonden!




Geen opmerkingen:
Een reactie posten