woensdag 25 februari 2026

Gaspeldoorn: dotjes geel op de bruine hei

Wandelen door de 'pratsj' op de Posbak

Een van onze Veluwewandelingen bracht ons op de Posbank. We liepen door het bos over glibberige paden en moesten telkens uitwijken voor grote smeltwaterplassen: zompige smurrie die we in Limburg met het woord 'pratsj' aanduiden. Af en toe miezerde het wat, soms piepte er een zonnestraal door een gaatje in de wolken. Toen we op de heide aankwamen trok de lucht meer open, maar de wind was inmiddels ook flink aangewakkerd en dreef een korte felle bui in onze richting. We hadden onze regenjassen net aan toen diezelfde harde wind de regenbui al weer verder joeg. De blauwe lucht kwam opnieuw te voorschijn en maakte de grauwe hei iets aangenamer om te zien. 

Posbank

Op het open terrein was alle sneeuw verdwenen en het water was in het zand weggesijpeld. Dat liep een stuk gemakkelijker! Op de grote bruine heide was er één plant die een sprankje voorjaar bracht. De gaspeldoorn bloeit nu al, met kleine gele bloemen. In maart staat de struik pas in volle bloei, maar nu is elk bloemetje meegenomen, dus je hoort me niet klagen.

Gaspeldoorn

De planten, die ver boven ons uit torenden, hebben geen blaadjes maar alleen doorns. De bruine puntjes aan de groene stekels zijn kenmerkend en niet heel fijn als je er tegenaan loopt :(. Voor beestjes is zo'n struik natuurlijk wel een veilige haven, tussen de doorns kunnen ze zich goed verschuilen. En de bloemen vormen welkom voedsel voor vroeg vliegende insecten. Bijen komen af op de goudgele, geurende bloemen; bij aanraking schieten de bloemen stuifmeel af op het bezoekende insect.

Gaspeldoorn kan 2,5-3 meter hoog worden

Gaspeldoorn is een aparte naam. Gaspel is een verkleinwoord van het Middelnederlandse gaspe dat haak of gesp betekent. In de middeleeuwen werden doorns van planten, zoals die van de gaspeldoorn, gebruikt als speld voor het sluiten van kleding. De plant kiemt makkelijk en kan zich snel verspreiden, dus in veel landen wordt deze struik gezien als een invasieve exoot. In Nederland komt-ie juist niet zo veel voor. Je kunt 'm alleen zien in de duinen en op andere zandgronden, zoals op de Veluwe. Je hoeft er dan niet per se een wandeling voor te ondernemen. Langs de A12 en A50 kun je ze zien op de taluds bij de snelweg. 

De gele bloemetjes fleuren de saaie hei wat op in de winter

De plant en de zaden van de gaspeldoorn zijn giftig. Toch werd de plant toegepast als veevoer. Uit 19e eeuwse geschriften blijkt dat men in Frankrijk de takken met hamers plette en aan paarden en runderen voerde. In Engeland plette men de takken met molenstenen. Volgens de bronnen waren de paarden er zo dol op dat ze hun haver en hooi lieten staan als er gaspeldoorntakken te eten waren. 
De bloemetjes (en takken) werden ook gebruikt om gele kleurstof te maken. 

In mijn gazon staan gele krokussen inmiddels te bloeien, en de narcissen zitten in de knop. Gele bloemen luiden het voorjaar in!


zondag 22 februari 2026

IJshaar, een wonder der natuur

Sneeuw bij Rhederoord

Afgelopen maandag vertrokken we voor een paar dagen naar de Veluwe. Bij aankomst keken we vanaf ons balkon uit over een besneeuwd landgoed. De winter was teruggekeerd! Lage temperaturen en een snijdende wind waren onze metgezellen tijdens het wandelen deze week. Maar elk nadeel heeft zijn voordeel. Tijdens een tripje naar de bossen rond Hoog Soeren waren we getuige van een zeldzaam natuurverschijnsel. 

Beukenbos bij Hoog Soeren

Tussen de beukenbladeren op de bosbodem zagen we takjes waaruit fragiele witte 'haartjes' ontsproten. Dit is het zogenaamde ijshaar en het vergt bijzondere omstandigheden om dit te laten groeien. Om haarijs te zien moet je op de juiste tijd op de juiste plaats zijn. Geen zon, geen wind, temperatuur net onder het vriespunt en een hoge luchtvochtigheid zijn nodig om ijshaar - dat ook wel haarijs, sneeuwbaard of baardijs wordt genoemd - te vormen. 

IJshaar

Het begint allemaal met bepaalde schimmels die zich in het hout bevinden. Het rozeblauwig waskorstje is zo'n schimmel maar ook andere soorten trilzwammen, zoals de gele en de zwarte trilzwam zijn in staat ijshaar te veroorzaken. Op het takje waarop ijshaar groeit zie je vaak de schimmel niet zitten, maar de myceliumdraden van deze zwammen bevinden zich in het hout en dat is de basis voor ijshaar. Daarom lijkt het of ijshaar 'uit het niets' verschijnt en kijk je ogenschijnlijk naar een 'gewoon' stukje hout.

Rozeblauwig waskorstje is een van de schimmels
waarop ijshaar kan groeien
Foto: Jerzy Opioła - CC BY-SA 4.0, Wikimedia

Maar dan, in een nacht dat de omstandigheden gunstig zijn, gebeurt een klein wondertje. Op de site van Nature Today las ik hoe dat in zijn werk gaat. In het hout, waarin het mycelium van de schimmel actief bezig is met het verteren van hout, komt warmte vrij. Dit proces gaat door tot circa -5 graden Celsius en het zorgt ervoor dat het hout niet bevriest. Naast warmte komt er bij dit proces ook water en koolstofdioxide vrij, dat naar buiten geperst wordt door de mergstralen van het hout. De mergstralen hebben een doorsnede van gemiddeld zo’n 0,012 millimeter. Haarfijn dus :). Het water bevriest direct bij het naar buiten treden. Zolang dit proces door blijft gaan, groeien de haren van onderaf. Die haren kunnen onder zeer gunstige omstandigheden wel 20 centimeter lang worden.

IJshaar

Een beetje zon of een zuchtje wind zorgt ervoor dat het ijshaar onmiddellijk wegsmelt of afbreekt. Als het te hard vriest of de luchtvochtigheid te laag is, dan daalt de stofwisseling van de schimmel en wordt er geen water geproduceerd. Op zo'n moment kunnen de ijsharen niet meer groeien. 
We zagen prachtige structuren: lange rechte haren, maar ook gekrulde die aan veertjes deden denken. Sommige takjes leken een schapenvachtje te hebben met poezelig lang en kort haar. 

IJshaar

Je kunt het beste in beukenbossen zoeken, daar heb je de grootste kans om ijshaar te vinden. Je ziet het vooral op dode takken waarvan de schors nog maar kortgeleden losgelaten heeft. Hoewel ijshaar al in 1833 is beschreven, was het ontstaan van dit fenomeen lang onduidelijk. Pas in 2005 werd ontdekt dat bepaalde schimmels nodig zijn om ijshaar te vormen. 

Helaas voor ijshaar gaan de temperaturen deze week stijgen. Dus je zult het met mijn foto's moeten doen. Aan de andere kant ben ik erg toe aan de lente, dus kom maar op met een zonnetje!

De komende week zijn er geen gunstige 'ijshaaromstandigheden' meer


woensdag 11 februari 2026

Wat meer aandacht voor plantjes graag!

Deze week zijn er velduilen te zien in Eemdijk en de vogelaars verzamelden zich en masse op het smalle dijkje om de vogels te bewonderen. Natuurlijk is een velduil een machtigmooie vogel om te zien met zijn indringende mascara-ogen. Deze flinke uil is dag-actief, dus dat maakt dat ze iets beter te spotten zijn. Ik heb ze ook mogen bekijken in het vrije veld, één keer in het Bentwoud, 'n keer op Texel en in Noorwegen. Maar te midden van een 'roedel' vogelaars zul je mij niet gauw aantreffen. In Nederland zijn volgens Sovon zo'n 75.000 vogelaars actief. Als je de mensen meetelt die deelnamen aan de tuinvogeltelling dan verdubbelt dat aantal zo'n beetje tot 135.000, maar dat zijn niet allemaal mensen die een flinke omweg maken om een vogelsoort te zien. Ik vroeg me af of er ook een 'plantjes tegenhanger' is van de vogelspotter. Een plantjesspotter, plantenzoeker of plantenjager? Ik heb zo het vermoeden dat planten er wat dat betreft bekaaid van afkomen, maar denk je het tegendeel, laat het dan vooral weten!

Zonnedauw kan qua schoonheid wedijveren met vogels vind ik

Tegelijk las ik deze week in het Velt-magazine van november '25 een artikel met de intrigerende titel 'Planten lossen problemen op'. In dat artikel pleit de auteur (Greet Tijskens) voor een herwaardering van planten. Iets waar ik mij van harte bij aansluit. Haar artikel is gebaseerd op de visie van de Italiaanse botanicus Stefano Mancuso. Ik vat haar artikel voor je samen in deze blog. Het is even wat leeswerk, maar ik plak er veel plantenfoto's tussen voor de afwisseling :). Lees je dit als e-mail abonnee, klik dan zeker even op de titel om naar mijn blogpagina te gaan zodat je zeker weet dat je het volledige blog kunt zien. 

Stefano Manuso beschrijft als grootste verschil tussen planten en dieren (incl. mensen) dat planten problemen oplossen en dat dieren problemen zo veel mogelijk proberen te vermijden. Dieren kunnen vluchten maar planten zijn gebonden aan de grond waarin zij staan (of het water waarin zij drijven). Een uit zaad opgekomen plant kan zichzelf niet meer verplaatsen. 

Atalanta op koninginnenkruid
Dieren kunnen zich verplaatsen, planten zijn noodgedwongen honkvast
 
Ook is er een fundamenteel verschil in de aansturing van de lichaamsfuncties. Ons brein neemt alle beslissingen en stuurt gespecialiseerde organen aan. Ernstige schade aan brein of organen is onherstelbaar (alleen een hagedis kan tot op zekere hoogte zijn staart opnieuw laten groeien). Dieren lossen veel problemen op door te bewegen: als ze honger hebben gaan ze op zoek naar voedsel, is het te warm dan lopen of vliegen ze naar een koelere plek. Of een koudbloedig dier zoekt juist de zon op om op te warmen. En ze kunnen een vijand te snel af zijn door heel hard weg te rennen. 

Akkerhommel bij wikke
Dieren bewegen zich in de richting van voedsel

Planten hebben geen centraal brein, maar hebben een 'gedecentraliseerde, modulaire bouw'. Dat betekent dat verschillende plantendelen alle functies vervullen. Dit vermindert hun kwetsbaarheid. Als een blad opgegeten wordt, gaat de plant niet dood, want andere delen van de plant nemen de functie over en de plant groeit gewoon verder. Planten kunnen niet wegrennen voor luizen, op zoek gaan naar voedzamere grond, en moeten kou, droogte of wateroverlast ter plekke het hoofd bieden. Dat gebeurt niet met de snelheid van een jachtluipaard of zebra, maar toch....

Kievitsbloemen
Planten lossen hun problemen ter plekke op

Bij te weinig water of voedingsstoffen groeien ze met hun wortels naar andere lagen in de bodem. Dat doen ze niet in het wilde weg: de worteltoppen kunnen chemische stoffen in de bodem waarnemen. 
Als insecten de plant te grazen willen nemen, stuurt de plant gasvormige chemische stoffen de lucht in die vijanden van deze uitvretertjes lokken. Afhankelijk van de soort zijn deze hulptroepen soms al binnen het uur ter plaatse. Een boom kan zieke aangetaste delen afsluiten van het gezonde weefsel en zo verdere verspreiding van de ziekte voorkomen. 

Groot hoefblad

Planten waren de eerste wezens op aarde en zorgen voor een atmosfeer vol zuurstof. Zonder planten had er geen ander leven kunnen ontstaan. Ze vormen de ruime meerderheid van de biomassa op aarde: 82%. De tweede grootste groep zijn bacteriën met 13% van de biomassa (en dat voor zulke kleine organismen!!). 2,2% van de biomassa zijn schimmels, 2% eencelligen en virussen. Dieren maken slechts een 0,5% uit van de biomassa. Met maar 0,01% van de biomassa stelt de mens eigenlijk weinig voor, maar drukt toch een enorm stempel op onze planeet. 

Margrieten
Planten vormen 82% van alle biomassa op aarde

Dan komen we dus weer terug op dat vraagstuk aan het begin van het blog: hoe kan het dat iets dat zo dominant aanwezig is op aarde, relatief zo weinig aandacht krijgt? In een studie lieten wetenschappers mensen een foto zien van een boslandschap met de vraag: wat zie je? Hoewel de foto vooral gevuld was met planten en bomen, noemden mensen altijd een ree, konijn of slang die op de foto zichtbaar was. Planten werden niet genoemd en al zeker niet bij naam (eik, den etc.). Er zijn ongeveer evenveel bedreigde plantensoorten als diersoorten, maar er gaat veel meer geld naar het redden van diersoorten dan naar planten. Red de ijsbeer! Waarom dan ook niet: red de orchidee?

Red de orchidee!

Voor de toekomst van onze planeet zijn planten onontbeerlijk. Bomen zorgen voor verkoeling in ons opwarmende stedelijke landschap. Bomen en planten brengen leven in de brouwerij, want ze trekken dieren aan die in of van de planten leven. Laten we beginnen om wat beter op planten te letten. Loop niet meer onverschillig langs het groene decor, maar ga eens kijken naar al die individuele kleuren groen, bladvormen, bloeiwijzen. En dan mag je ook best even kijken naar de kriebelbeestjes, vogels, eekhoorns erom heen. Nu is een goede tijd, want binnenkort gaat dat groene spul weer groeien en bloeien. Word een bloemenspeurder of plantendetective, het maakt niet uit hoe je het noemt, maar kijk en bewonder! En zorg goed voor de planten en bomen. Plant er gerust wat meer bij. 

Wie heeft rode klaver als eens van zo dichtbij bekeken?

maandag 9 februari 2026

Boomleeuwerik: nog een vogelgeluid dat je in februari kunt horen!

 

Mist in de Amsterdamse Waterleidingduinen

Afgelopen zaterdag was het weer eens tijd om naar de Amsterdamse Waterleidingduinen te gaan. We kozen voor ingang De Zilk deze keer. Omdat mijn man 's middags een sportwedstrijd had, gingen we vroeg op pad. Tijdens de autorit hing de mist in de polder zwaar over de weilanden en ook in de Waterleidingduinen konden we in het begin nauwelijks een hand voor ogen zien. Naarmate de zon hoger klom ging zij de strijd aan met de mist, hetgeen feeërieke beelden opleverde. We zagen ontelbare hertensporen in het zand, sommige duidelijk geplaatst voor het nachtelijke regenbuitje: in die prenten (pootafdrukken) zagen we kleine putjes van de regendruppels. Andere waren heel vers; die pootafdrukken hadden geen regenputjes waardoor we konden concluderen dat de herten hier langsgekomen waren na de regenbui.

Damhertsporen

Ondanks deze - blijkbaar - nachtelijke activiteit van de dieren lieten de damherten zich nergens zien. We zigzagden door het eikenbos om zo veel mogelijk te kunnen genieten van de zonnestralen tussen de stammen in de mist. De camera klikte heel wat keren, maar zonder het gewenste hertensilhouet in mistig tegenlicht :). 

IJle eikenstammen...

....en een eik die de ruimte had om breed uit te groeien

Ook de open vlakte leverde mooie plaatjes op: van dauwdruppels die aan de planten hingen tot een rijk palet aan kleuren van verdroogde hei en (korst)mossen. Het licht van de laagstaande zon gaf een gouden glans aan de begroeiing.

Dauw parelt in het heiige tegenlicht

Prachtige kleuren op de grond

Op een gegeven moment won de zon het van de mist en verdween deze. De vogels werden nu iets actiever: twee koolmezen - duidelijk een paartje - bleven dicht bij elkaar terwijl ze insectjes zochten in een boom. Ze zaten daar op nog geen 3 meter van ons af, maar helaas had ik mijn verrekijker om en de camera met telelens nog in mijn tas. Tijd om die twee om te ruilen, want onze oren werden gestreeld door een geweldig mooi vogelliedje. In het open duin bij het zweefvliegveld zongen boomleeuweriken. Boomleeuweriken staan ​​bekend als een van de weinige vogels die in het donker zingen en zijn vanaf de eerste weken van februari te horen. Zowel het mannetje als het vrouwtje zingen en reageren op boodschappen die ze elkaar doorgeven met behulp van verschillende toonhoogtes en klanken. De mannetjes zingen 's nachts vrij letterlijk de overtrekkende vrouwtjes 'uit de lucht' om hen te verleiden. 

Net als bij de veldleeuwerik heeft het mannetje een vluchtlied. Een duidelijk verschil tussen deze twee soorten is echter dat boomleeuweriken vaak 'spiralen' tijdens de vlucht. Ze blijven ook op een relatief lagere hoogte. Veldleeuweriken gaan tot wel 100 meter omhoog en 'hangen' daar in de lucht om hun jubelende lied ten gehore te brengen. 

Door het vroege schema van deze actieve vogels wordt hun eerste ei vaak al eind maart gelegd. De nestjes worden op de grond gemaakt. Op dat moment vallen de boomleeuweriken stil om te zorgen dat de aandacht van vijanden niet op hun nestplaats wordt gericht. Ik heb geprobeerd het lied van de zingende boomleeuweriken op te nemen in onderstaand filmpje. Helaas zit er ook wat ruis van de provinciale weg doorheen. Aan het eind van het filmpje zie je een foto van de boomleeuwerik. 
Als je in de buurt van duinen of andere zandgrond (Veluwe, Brabant) woont, dan loont het de moeite om eens zelf te gaan luisteren op locatie. Het vrolijkt je dag beslist op! 



Na een korte pauze zetten we onze wandeling voort. Eindelijk kregen we nog wat herten in het vizier. Maar een foto van een door mist omgeven silhouetje zat er niet meer in.....

Damhert

Spitser (jong mannetje)